De tafel van 11 lijkt eng, maar is verrassend makkelijk. Voor 11 × 1 t/m 11 × 9 schrijf je gewoon hetzelfde cijfer twee keer: 11 × 3 = 33, 11 × 7 = 77. Pas vanaf 11 × 10 wordt het ietsje lastiger.
| Som | Antwoord |
|---|---|
| 11 × 1 | 11 |
| 11 × 2 | 22 |
| 11 × 3 | 33 |
| 11 × 4 | 44 |
| 11 × 5 | 55 |
| 11 × 6 | 66 |
| 11 × 7 | 77 |
| 11 × 8 | 88 |
| 11 × 9 | 99 |
| 11 × 10 | 110 |
| 11 × 11 | 121 |
| 11 × 12 | 132 |
Schrijf het cijfer twee keer (tot × 9)
11 × 1 = 11, 11 × 2 = 22, 11 × 3 = 33, en zo door tot 11 × 9 = 99. Voor elk cijfer 1 t/m 9 schrijf je het simpelweg twee keer naast elkaar.
Tafel van 10 plus één keer
11 × een getal = 10 × dat getal + dat getal. 11 × 7 = 70 + 7 = 77. 11 × 12 = 120 + 12 = 132. Werkt voor elk getal.
Vanaf × 10 verandert het patroon
11 × 10 = 110, 11 × 11 = 121, 11 × 12 = 132. De simpele 'schrijf twee keer'-truc stopt hier. Gebruik dan 10 × X + X.
In Nederland leren kinderen de maaltafels vanaf groep 4. Eerst komen de tafels van 1, 2, 5 en 10 aan bod, daarna 3, 4 en 6, en tot slot de tafels van 7, 8 en 9. In groep 5 worden de tafels herhaald en automatiseren kinderen ze, zodat ze de antwoorden snel uit het hoofd kennen.
Hoeveel is 11 × 11?+
11 × 11 = 121. Niet via de 'schrijf twee keer'-truc (die werkt alleen tot × 9). Reken: 10 × 11 + 11 = 110 + 11 = 121.
Waarom werkt de truc 'schrijf twee keer'?+
Omdat 11 = 10 + 1. Voor enkelvoudige cijfers betekent dat: het tiental wordt het cijfer zelf, en de eenheid blijft datzelfde cijfer. 11 × 4 = 40 + 4 = 44. Zo komt het op 'twee keer hetzelfde' uit.
Is de tafel van 11 moeilijk?+
Nee, tot 11 × 9 is hij zelfs een van de makkelijkste tafels. 11 × 11 en 11 × 12 zijn lastiger en moet je apart leren of via 10 × X + X uitrekenen.
In welk leerjaar leer je de tafel van 11?+
De tafel van 11 wordt soms in groep 6 aangeboden, als verdieping op de basistafels.
Laatst bijgewerkt op